24 tot 29 mei: Genève
Van 24 tot 29 mei (pinksterweekend) ben ik op bezoek geweest bij Gerard en Annalies in, of eigenlijk, net buiten Genève. Gerard ken ik nog van mijn jaartje in Enschede waar we dezelfde studie deden (Technische Natuurkunde) en ook nog eens in het hetzelfde huis woonden (de verre naasten aan de Oldenzaalsestraat in Lonneker, vlak bij Enschede). Na een jaar scheidden onze wegen toen ik in Utrecht natuurkunde & sterrenkunde ging studeren en Gerard verder ging met TN. Na afronding van zijn studie is hij AIO geworden en is voor drie jaar gedetacheerd aan het CERN, the coolest place in the universe (Conseil Européen pour la Recherche Nucléaire, of te wel, natuurkundig onderzoek aan de kleinste deeltjes in dit heelal).
De vroege vlucht van Easyjet bracht me op donderdagochtend naar Genève, waar ik van Gerard een rondleiding kreeg over een klein gedeelte van het CERN. Helaas mocht ik de tunnel met de grote versneller niet zien (rondleidingen waren op andere dagen), maar toch heb ik een beetje een idee gekregen van hoe het er uit zou moeten zien. ‘s Middags zijn we gaan wandelen in de Jura, een lange bergketen die westelijk van de Alpen ligt. Een prachtige klim bracht ons tot ruim 1700 meter hoogte, naar de top van de Reculet. Hieronder een paar foto’s die ik van Gerard’s website heb gehaald, omdat ik nog niet echt ben toegekomen aan het sorteren van m’n eigen foto’s.


Vrijdag ben ik in m’n eentje gaan wandelen in Geneve, de stad van Calvijn. Gerard en Annalies moesten allebei werken, maar ik heb me prima vermaakt, vooral in het prachtige museum “Musée International de la Réforme” (Internationaal museum van de Reformatie). Ook van Genève heb ik veel foto’s maar ik ben nog bezig om m’n fotogalerij te integreren in m’n website en dat lukt nog niet erg, hopelijk binnenkort wel.
Zaterdag stond een bezoek aan de Aletschgletscher op het programma, maar hoe verder we Zwitserland in kwamen, hoe slechter het weer werd. Aangekomen bij de voet van de gletscher hebben we besloten niet naar boven te gaan omdat het daar toch regende, maar om verder te rijden en een tocht met de auto over een aantal hoge passen te maken. Voor mij was dit de eerste keer dat ik in de Alpen was, en ondanks dat ik de Aletschgletscher niet heb gezien, heb ik mijn ogen uitgekeken naar de fascinerende, ruige landschappen. Natuurlijk was ik al wel vaker in de bergen geweest, o.a. de Rocky Mountains in Colorado en New Mexico zijn voor mij geen onbekend gebied, was dit toch weer verrassend, vooral ook omdat ik nu gereden werd in plaats van dat ik zelf moest rijden, waardoor ik veel meer tijd en aandacht had om naar buiten te kijken. Helaas werkte het weer niet echt mee, zodat we niet konden genieten van vergezichten en mooie blauwe luchten, maar al met al heb ik een mooi beeld gekregen van de Alpen. Hieronder weer een paar plaatjes, gejat van de website van Gerard, maar toch gemaakt door mezelf… (meer foto’s volgen dus nog een keer…)
Een panoramafoto van het meer van Genève vanuit Montreux
Een panoramafoto vanaf de Grimselpas
Uiteindelijk hebben we de hele dag in de auto gezeten en hebben we een mooie tocht gemaakt van Genève, via Lausanne, Montreux, Sion, Brig, Gomsdal naar de Furkapas (met de Rhônegletscher), daarna de Sustenpas (met de Steingletscher) en de Grimselpas om weer in het Gomsdal uit te komen en dezelfde weg terug te gaan.
‘s Avonds was het grootste deel van de bewolking boven de Alpen opgetrokken en toen we op weg waren naar een restaurantje om daar te gaan eten zijn we nog even wat hoger in de Jura gereden om van het uitzicht op de Alpen te genieten. Helaas had ik mijn camera bij G&A thuis laten liggen, maar de aanblik van de Alpen en vooral het Mont-Blanc massief staat voor altijd op mijn netvlies gegrift. Op hetzelfde moment kwam er een enorme woest uitziende onweersbui over de Jura aanzetten. Toen baalde ik nog meer dat ik m’n camera niet bij me had… Voor het eerst in m’n leven stond ik oog in oog met een echte (goed ontwikkelde) shelf-cloud, iets wat ik nog nooit in deze vorm had gezien. Overweldigend, bijna angstaanjagend.
Op zondag zijn we naar de Nederlandse protestantse gemeente rond het meer van Genève geweest en volgens mij hebben we de rest van de dag rustig aan gedaan. Maandag was het weer nog niet veel beter, maar zijn we toch naar Annecy gereden om daar een tijd rond te dwalen in de kloven van de rivier de Fier, of te wel ‘gorges du Fier’. Een erg leuk gebied, en de kloven hebben wel iets van de ‘narrows’ in Zion national park in Utah. Daarna zijn we nog Annecy in gegaan, ook een plekje waar ik nog nooit was geweest en ik dus op mijn lijstje kan bijschrijven ![]()
Hieronder een panoramafoto gemaakt door Gerard in de Gorges, waar ik nog net opsta (links).

Dinsdagochtend de ‘rode-oogjes-vlucht’ van Easyjet weer terug genomen naar Nederland, terugkijkend op een perfect weekend, met dank aan Gerard & Annalies!
People who looked at this item also looked at…
Related items
14 mei: academisch café Amsterdam
Ookal is het alweer eventjes geleden, het is nog wel de moeite waard om wat woorden te wijden aan het academisch café van 14 mei.
Net zoals in de echte wereld, draait ook op de universiteit alles om geld. Geld dat er vaak niet is… Hoewel er per jaar miljoenen euro’s naar de Universiteit Utrecht stromen, vooral vanuit het ministerie, is dat natuurlijk nooit genoeg. Allereerst heb je natuurlijk heel veel geld nodig om al die mooie moderne, architectonisch hoogstaande gebouwen, maar ook de lelijke, asbestbevattende, oude gebouwen te onderhouden. Daarnaast is er geld nodig voor de nodige bonussen voor topbestuurders, keer op keer weer nieuwe onderwijs ontwikkelingen en natuurlijk excellente onderzoekers en docenten. De UU, het Berkeley of Yale aan de Kromme Rijn, kan natuurlijk op geen van die gebieden onderdoen voor haar wereldberoemde Amerikaanse zusters… Maar ja, geld is het probleem… Maar hoe doen die amerikanen dat dan toch?
Heel simpel… één magisch woord: alumni, oud studenten die flink in de buidel willen tasten om hun dankbaarheid te tonen dat ze hebben mogen studeren aan een topuniversiteit.
Alumni dus…
Eén probleempje echter… hoewel de UU goed staat aangeschreven, is haar status bij lange na niet zo prestigieus als Harvard en Yale, en hebben alumni veel minder binding met hun alma mater dan je eigenlijk zou willen. En dat los je niet zomaar eventjes op, maar alleen als je echt gaat investeren in een alumni netwerk, ze allerlei leuke activiteiten en voordelen aanbiedt en ervoor zorgt dat ze zoveel mogelijk betrokkenheid blijven houden bij de UU… misschien zijn ze dan op termijn zo goed om ook financieel iets terug te doen.
Ik moet eerlijk zeggen, de UU heeft hierin haar zaakjes goed voor elkaar. Een heel scala aan activiteiten wordt georganiseerd door het UFonds om alumni in de watten te leggen. Eén van die activiteiten is het academisch café, dat rondreist door het hele land, en waar drie promovendi een kwartier de tijd krijgen om vanaf een zeepkist hun promotieonderzoek aan de man te brengen, dit alles in een relaxte sfeer waar veel ruimte is voor interactie en gezellig socialiseren.

Op 14 mei was ik uitgenodigd om hieraan deel te nemen. Plaats van handeling was Café d’Oude Herbergh in hartje Amsterdam. De opkomst was met ongeveer 25-30 mensen redelijk, en de sprekers waren erg goed, al zeg ik het zelf. De eerste spreker hield een fascinerend betoog over de rol van leesconventies in de interpretatie van de poezie van Gerrit Kouwenaar… Als je het niet snapt is het niet erg, dat deed ik ook niet, totdat ik zijn verhaal hoorde. De tweede spreker sprak over de invloed die de aanwezigheid van gebromeerde vlamvertragers in het oppervlaktewater zou kunnen hebben op mogelijke hormoonverstoring bij vissen. Als je het niet snapt is het niet erg, dat deed ik ook niet, en nu nog niet… De derde spreker sprak over explosies van sterren en hoe de chemische elementen die daarbij worden gemaakt de basis van het leven vormen hier op deze aarde. Als je het niet snapt is het niet erg, maar lees dan vooral mijn proefschrift
Al met al een bijzondere avond, niet alleen vanwege de interessante praatjes, maar vooral vanwege nog iets anders. Al bij het voorstellen ‘s middags aan wat andere mensen die meegingen naar Amsterdam kwam het gesprek op mijn carière-switch en vandaar op het geloof. En daar is het bijna niet meer vanaf geweest. In de auto, tijdens het diner, gedurende de tijd tussen de praatjes, na afloop, keer op keer kwamen mensen verbaasd naar mij toe om ‘opheldering’ te vragen en iedere keer had ik gelegenheid om mijn keuzes, mijn overtuigingen en de basics van het geloof uit te leggen, op een manier waarvoor ik tot nu toe nog nooit de gelegenheid had gehad. Makkelijk was het niet, met allemaal kritische academici tegenover me, maar eindelijk kon ik alle apologetische argumenten waar ik me de afgelopen maanden in had verdiept gebruiken, en op zo’n manier dat ik ermee kon spelen omdat ik het echt in de vingers had. Heel erg bijzonder ook, omdat ik soms merkte dat mensen mijn keuzes echt niet konden begrijpen en me zo gek als een deur vonden, maar toch respect voor me hadden vanwege mijn kennis van de sterrenkunde (en misschien ook wel m’n doctorstitel) en daarom toch het gesprek aangingen.
De hele avond was voor mij een bevestiging dat ik met mijn verlangen om hier mijn werk van te maken op de goede weg ben; een vette knipoog van God ![]()
People who looked at this item also looked at…
Related items
Adembenemend mooi
Precies zeventien jaar geleden werd de Hubble Space Telescoop gelanceerd, zonder twijfel de meest succesvolle wetenschappelijke satelliet ooit. In zeventien jaar heeft hij bijna 500.000 fotos gemaakt van meer dan 25.000 objecten in het heelal, foto’s die niet alleen wetenschappelijk interessant zijn, maar ook gewoon adembenemend mooi. De verjaardag van vandaag werd gevierd met een van de grootste panorama’s die de Hubble ooit heeft gemaakt.
De foto laat een gigantisch stervormingsgebied zien (ruim 50 lichtjaar groot), op een afstand van ongeveer 7500 lichtjaar, waar drie miljoen jaar geleden een geboortegolf begon waaruit verschillende nieuwe sterren zijn geboren, waarvan sommigen 50 tot 100 keer zo zwaar als de zon. De meeste van die zware sterren leven maar heel kort, en sommigen (waaronder de bekende ster Eta Carina) staan dan ook op het punt om te exploderen.
Het plaatje hierboven is maar een heel klein gedeelte van de grote mozaiek, die je hier (pas op: 7.3Mb) kunt vinden.
Wat je ziet is allemaal gas. Grote wolken in beroering gebracht door de verschillende sterren die er zijn ontstaan. Sommige gebieden zijn helemaal schoongeblazen, andere gebieden bevatten veel meer stof en zijn intact gebleven en vliegen als een soort filamenten of klodders rond en steken donker af tegen de heldere achtergrond. Overal zijn sterren te zien en de kleuren en de vormen van de slierten van het gas op de achtergrond zijn spectaculair. Downloaden dus dit plaatje, verwonder je en geniet ervan… werkelijk schitterend!
Related items
… met alle daaraan verbonden rechten en plichten …
…bevorderd tot doctor… Vier jaar werken aan m’n proefschrift zit erop, gistermiddag is er een eind aan gekomen, met een zenuwslopende verdeding. Mwah, dat viel ook wel weer mee. Een verslagje van een enerverende dag.
—- update: ff tussendoor — Na het feest zijn er twee gevonden voorwerpen overgebleven: een licht blauwe sjaal en een gsm-handsfee communicatie setje, of hoe je dat ook noemt… beide zijn af te halen bij mij.
De dag begon relaxed: ‘s ochtends nog lekker uitgeslapen, want ik hoefde pas om iets voor twaalven bij het academiegebouw in Utrecht te zijn. Waar er dinsdag van zenuwen nog helemaal geen sprake was, en ik ook nog een prima nacht had gemaakt, kwamen ze toch naar boven toen ik besefte dat de dag van de waarheid toch echt was aangebroken. Eerst even het huis op orde gemaakt, nog wat gelezen in m’n proefschrift en toen rond half twaalf op de fiets gesprongen naar de binnenstad. Aangekomen bij het academiegebouw zie ik m’n twee zusjes al staan en ook m’n paranifmen waren al gearriveerd. Na wat begroetingen over en weer begeef ik me naar de kamer waar je je als promovendus kunt omkleden en in alle rust kunt voorbereiden op de promotie. Uitgerust met grote ramen die uitkijken over het gehele Domplein, kun je staande aan het raam, alle bewegingen op het plein volgen en alle bezoekers zien aankomen. Al snel arriveerden de eerste hoogleraren die in de oppositie zaten, en heb ik nog snel even kennis gemaakt met een hoogleraar uit Amsterdam die mij nog niet kende. Ondertussen verstreek de tijd en begonnen we ons om te kleden, wat nog een hele toer is, aangezien het traditionele rokkostuum allerlei mystieke knoopjes heeft en ook nog een wispelturig vlinderstrikje. Uiteindelijk zagen we er perfect uit, en ondanks dat ik de zenuwen redelijk onder controle had, begon ik me toch ongerust te maken: de tijd tikte verder richting aanvang van de ceremonie en mijn ouders waren nog steeds niet gearriveerd (… ik heb het dus niet van een vreemde
). Gelukkig, een kwartier voor tijd kwamen ze eraan, en konden mijn ‘angstdromen van een promotie zonder ouders omdat die te laat waren’ weer worden opgeborgen, maar relaxed was het allemaal niet.

De senaatszaal van het academiegebouw vlak voor aanvang van de promotie.
Dan is het zover, rinkelende belletjes op de gang. De pedel meldt zich en we mogen mee. Vlak voor de commissiekamer houden we halt om de oppositie voor te laten gaan, de hoogleraren gekleed in toga en met een baret op het hoofd. Een mooie traditie. Een laatste ‘succes’ van een aantal hoogleraren en dan sluiten we achteraan de stoet, richting de senaatszaal. Allerlei gedachten schieten door je hoofd en ik was erg benieuwd hoeveel mensen er zouden zijn. Van sommigen weet je dat ze erbij zullen zijn, maar het was toch een grote verrassing om te zien dat de zaal bijna vol zat.

Pedel en commissie op weg naar de senaatszaal
En toen de verdediging… In het begin was ik nog best een beetje gespannen en kon soms niet helemaal goed uit m’n woorden komen, maar al snel was ik lekker op dreef en kon ik ontspannen de vragen aanhoren en beantwoorden en kreeg ik er gewoon plezier in. Al na de gedachtenwisseling met de eerste opponent maakte de rector op subtiele wijze duidelijk dat ik best iets minder lang van stof mocht zijn in m’n beantwoording van de vragen, aangezien ik ruim de tijd had genomen voor m’n eerste antwoord en er maar 45 minuten te verdelen waren… hij heeft het nog een paar keer moeten herhalen, tot groot plezier van de zaal, waar al zachtjes gefluisterd werd ‘dat kan hij niet…‘

Achter het katheder, geflankeerd door m’n paranimfen Wilmer (links) en Cees (rechts, of eigenlijk midden).
De vragen die ik kreeg waren allemaal erg goed en met veel plezier heb ik de verdediging gedaan, scherp en adrem, al zeg ik het zelf… nou ja, ik ben er gewoon tevreden over. Alleen de laatste vraag had ik wat moeite mee en ik ging zelfs de fout in met elementaire wiskunde, wat zorgde voor enige hilariteit in de zaal, maar precies op dat moment rinkelden de belletjes op de gang die de komst van de pedel aankondigden en klonk het ‘Hora Est’ door de zaal. ‘Saved by the bell ‘…, ik zal het nog vaak moeten horen ben ik bang, hoewel het ook wel grappig is.

De pedel spoort de commissie aan om zich terug te trekken na het ‘Hora Est’.
De commissie trekt zich terug voor beraad en ik kan even bijkomen, maar al snel (echt heel snel, maar 6 minuten!) rinkelen de belletjes weer op de gang en treedt de commissie weer binnen, rector voorop, met een rode koker in de handen. Staande op het kleed recht voor de rector, geflankeerd door m’n paranimfen, hoor ik dat de rector meedeelt dat de commissie gezien mijn verdediging heeft besloten mij het doctoraat toe te kennen, waarna mijn begeleider de officiele formule daarvoor uitspreekt en mij de bul overhandigt.

De rector komt als eerste weer binnen met de rode koker in z’n handen

Norbert overhandigt me de bul…

… en spreekt daarna het laudatio uit, een persoonlijk toespraakje over de afgelopen jaren.
Na een persoonlijke toespraak van mijn begeleider, waarin hij eerlijk zijn visie gaf op de afgelopen jaren dat ik bij hem werkte en waarin hij de hoogte- en dieptepunten niet onvermeld liet, was de ceremonie over en kon het feest beginnen. Hieronder staat een indruk van de receptie achteraf.

Met de pedel op weg naar de receptie

Met Wilmer en Cees op de trap van het academiegebouw, vlak voor de receptie

Alexander, Norbert en Onno in gesprek tijdens de receptie

Mijn ouders in gesprek met prof. Lamers en zijn vrouw
Hierna ging het feest nog door tot in de kleine uurtjes (foto’s hieronder), met eerst een lekker diner en daarna met een feestje in een mooie/oude/hippe werfkelder met heel veel vrienden en bekenden. Een mooie afsluiting van een enerverende dag!
Foto’s overdag door Peter den Hartog, foto’s ‘s avonds door mijn vader
People who looked at this item also looked at…
Related items
Zo, dat was het dan

iets met een proefschrift ofzo…
o ja, 24 januari is er een feestje in Utrecht. Van harte welkom om dit mee te vieren!
Verdere info volgt.
People who looked at this item also looked at…
Related items
Het kloppend hart van Intelligent Design
Een boeiende quote van Nancy Pearcey op ‘the A-team blog’ over intelligent design. Ik laat hem nog een paar dagen in m’n hoofd ronddolen om de argumentatie op waarde te schatten.
Critics say the concept of design does not belong in science. They argue that it is a “science-stopper” that puts an end to scientific investigation. The head of an evolution advocacy group recently told CNN that design theory is “not a very good science, because it’s basically giving up and saying: We can’t explain this; therefore, God did it.”
But that accusation is based on a misunderstanding. The process of detecting design is thoroughly empirical. In fact, it is already an important element in several areas of science….
Today astronomers involved in the search for extraterrestrial intelligence (SETI) have worked out extensive criteria for recognizing when a radio signal is an encoded message and when it is just a natural phenomenon, like a pulsar. In other words, they have developed criteria for distinguishing between products of design and products of natural causes.
The same distinction is made in several other fields: Detectives are trained to distinguish murder (design) from death by natural causes. Archeologists have criteria for distinguishing when a stone has the distinctive chip marks of a primitive tool (design), and when its shape is simply the result of weathering and erosion. Insurance companies….Cryptologists….[etc.]
It should be possible to formalize the thinking process used in all these examples, which is exactly what design theory does. Its central tenet is that the characteristic marks of design can be empirically detected. As the title of one book puts it, in nature we can uncover Signs of Intelligence. [Total Truth, pp. 181-182, highlighted emphasis the A-Team Blog]
HT: The A-team Blog
Related items
Hoop in een objectieve wereld
Al een keer eerder heb ik gelinkt naar de website van Veritas Forum, een initiatief van Kelly Monroe Kullberg om te laten zien dat het christelijk geloof ook intellectueel gezien goede papieren heeft. Gerenomeerde wetenschappers komen spreken op verschillende universiteiten over hun persoonlijke overtuiging om te geloven in Jezus Christus en waarom je daarvoor geen ‘gespleten persoonlijkheid’ (aldus Simon van der Meer, Nederlandse Nobelprijswinnaar in het NRC Handelsblad van 18 april 1987) hoeft te hebben.
Onlangs kwam ik een interview met Kelly tegen en ook die wil ik doorlinken omdat ik echt diep onder de indruk ben van haar gedrevenheid. Hieronder een paar citaten, de rest is hier te lezen:
As a visiting student and then chaplain at Harvard, I saw the emptiness of the modern university, with its amorphous and intangible Veritas, with its rise of depression, aimlessness, sexually transmitted diseases, and other confusions including an increase in suicide. It was a stark contrast to the vibrant and brilliant Christian fellowships throughout the university.
I wanted to include the whole university in the conversations and adventures we naturally have as believers. I asked all believers to join together symphonically, to step up to the plate intellectually in grace and truth, to welcome and engage the hardest questions of the university because we believed that the Gospel would be revealed on the far side of complexity.
Wow! Allereerst respect voor het feit dat ze oog heeft voor de leegheid van het bestaan van veel studenten (maar ook docenten) die op een universiteit rondlopen. Zo gemakkelijk houden we ons alleen maar bezig met ons ‘wetenschappelijke werk’ en schermen we ons persoonlijke leven en de diepe gevoelens in onszelf af van de buitenwereld, en al helemaal van onze mede-studenten en/of collega’s. Wetenschap is objectief, en als wetenschapper moet je je persoon zoveel mogelijk buiten je werk houden, zeggen we dan, met als gevolg dat er gewoon niet over wordt gepraat en er velen vastlopen in de leegheid en zinloosheid van hun bestaan. Voor mij – en heel veel andere studenten met mij – was mijn studententijd de tijd van onzekerheid, over je toekomst, over wat je wilt, over je identiteit, over je afkomst en hoe daarmee om te gaan. Alle grote vragen van het leven zijn langsgekomen, en ik heb ermee geworsteld, vele dagen en vooral nachten, jarenlang, zonder dat er heel veel mensen waren die me hierbij konden helpen. Een donkere, grijze, eenzame tijd ook, waarin vrienden, kerk en familie er uiteindelijk wel ervoor gezorgd hebben dat ik er weer uitkwam, maar waarvan ik achteraf moet zeggen dat ik een echt open en levende gemeenschap, waarin er plek was voor al mijn vragen en er ook antwoorden werden geboden, behoorlijk gemist heb. Zeker vanuit het christelijk geloof is er alle reden om wel zo’n gemeenschap te vormen, omdat je mag leven vanuit de hoop van het evangelie, in verbondenheid met de God van hemel en aarde. Waar open en eerlijk alle, maar dan ook echt alle moeilijke vragen bespeekbaar zijn, niet omdat we het altijd zo goed weten, maar wel omdat we samen op weg zijn naar het steeds verder ontdekken van de waarheid van Jezus, voor het leven van iedereen, in alle omstandigheden. Alleen zo is het christelijk geloof relevant, en niet wanneer het de oude en geijkte antwoorden van jaren, ja zelfs eeuwen terug blijft opdreunen.
Dat is de reden dat ik hier zo enthousiast voor ben. Want het christelijk geloof heeft wat mij betreft relevantie, veel meer dan we zelf ook verwachten. Tientallen, zo niet honderden of duizenden wetenschappers kunnen vanuit hun persoonlijke leven vertellen wat het geloof voor meerwaarde geeft aan hun leven. Allemaal gestudeerde mensen die waarschijnlijk door dezelfde worstelingen heen zijn gegaan als ik, die niet hebben opgegeven, maar op een gegeven moment hebben gevonden: een persoonlijke relatie met Jezus maakt een verschil in je leven, geeft je leven zin en hoop, nu al en voor de toekomst. Jouw verhaal wordt onderdeel van een groter verhaal, van de geschiedenis die God met deze wereld gaat, en daardoor vallen de puzzelstukjes van je leven op hun plek. Waarheid is geen abstract gegeven, maar een Persoon, Jezus. Dan komen er antwoorden – geen gemakkelijke, maar diep doorleeft én relevent – op bijv. deze vragen:
Truth? Whose “truth”? Who cares?
What Story are we living in? What does it mean to be human?
Do faith and science align or conflict?
Is there hope for sexism and racism?
What of our clash(es) of civilizations?
Why does beauty mean something?
From where does love flow? How does love last?
Kelly geeft daar een mooi voorbeeld van, vanuit haar persoonlijke verhaal:
Jesus frees us from the world’s pseudo-success Matrix. We’ve been branded from birth and told what we desire, what abundant life looks like, what “knowledge” is, what story is real. So we confuse sex for intimacy, success for significance, knowledge for wisdom, and so on. We build our resumes and get all full of ourselves, all the while forgetting to love the people God’s given us. Abstract “bests” tyrannize concrete goods. We often forget to dive into community, perhaps to marry, nest, raise children (by biology or proximity), be good to our parents and neighbors and churches and strangers. We forget to save the Shire (I’m a big fan of Sam and Frodo). Sometimes we just forget to love in tangible ways, which is a sophomoric tragedy.
Living in truth, in reality, is to begin to live freely. We break out of the mediated (man-interpreted) world and into immediacy (God’s interpretation). This happened for me in Chapter 10 of the book, in a wildlife estuary on the ocean. To live in Truth is to trust the real Author, to learn our own human story, and to enter our role in his play.
Die laatste zin, daat gaat het wat mij betreft om: om je eigen rol te zien in het grote verhaal, en om de Auteur van dat verhaal te vertrouwen. Dat is geloof, en dat is moeilijk, maar zeker de moeite waard. Een rijker leven kun je je niet voorstellen.





